Rembrandt als decor: over de documentaire van Oeke Hoogendijk

Oeke Hoogendijk maakte een documentaire over mensen die een Rembrandt in bezit hebben, getiteld Mijn Rembrandt. Gezien het onderwerp, verbaast het niet dat geprivilegieerde witte mannen de protagonisten vormen: de kunsthistoricus Jan Six, adellijke afstammeling van de gelijknamige vriend van Rembrandt, de Schotse hertog van Buccleuch Richard Scott en de Amerikaanse zakenman en multimiljonair Thomas Kaplan.

Meer dan over de schilderijen, gaat de film over de relatie die de mannen hebben met de werken. Six volgen we in zijn ontdekkingstocht naar maar liefst twee nieuwe Rembrandts, de Schotse hertog vertelt over het liefdevol samenwonen met zijn Oude Lezende Vrouw en Kaplan roept enthousiast dat hij het nooit voor mogelijk had gehouden ooit een Rembrandt in bezit te hebben, laat staat tien! We zien hem als een blij ei op een publieke tentoonstelling van zijn werken: ‘kom we gaan met de Minerva op de foto!’.

Terwijl de mannen vol passie hun verhaal houden, zien we de werken stil toekijken vanuit de achtergrond. Ze krijgen het karakter van een goede luisteraar die commentaar levert op de situatie door op de juiste momenten stil te zijn. Het kenmerkt de interviewstijl van Oeke Hoogendijk zelf – show don’t tell. Slechts één keer horen we haar kort iets aan voormalig Rijksmuseumdirecteur Wim Pijbes vragen: ‘Ben je blij?’.

Dit vraagt ze, nadat de portretten van Oopjen en Marten in samenwerking met Frankrijk zijn aangekocht. Het is wel duidelijk dat Pijbes en huidig museumdirecteur Taco Dibbits de aankoop liever volledig zelf in de hand hadden gehad. Hoogendijk brengt hen in beeld als sportieve verliezers. Pijbes verhult zijn teleurstelling met een beheerste glimlach en antwoordt eerlijk ‘Een beetje. Twee is beter dan één’.

Van Six zien we een wijder spectrum aan emoties. Hij is als een kind zo blij als blijkt dat zijn vermoedens over de onontdekte Rembrandt – Portret van een jongeman – juist zijn. Daarbij lijkt de hele onderneming voor hem ook een persoonlijke strijd om te bewijzen dat hij meer is dan een geprivilegieerde jongen uit een adellijk gezin. (Ironisch genoeg kiest hij juist de lucratieve handel in Rembrandt, die zo met zijn familiegeschiedenis vervlochten is als middel hiervoor). Benadrukt wordt dat hij zelf een boek heeft geschreven – in tegenstelling tot zijn vader die boeken voor zich liet schrijven – en ‘een talent voor kijken’ heeft.

Een groot schandaal, onthuld door kunstrestaurateur Sander Bijl in de NRC een dag na de presentatie van de ‘nieuwe’ Rembrandt, gooit echter roet in het eten. Six was initieel van plan het werk met Bijl aan te kopen, maar heeft in het geheim daar overheen geboden om er alleen met de buit vandoor te gaan. Deze schande doet de vrolijkheid van Six als sneeuw voor de zon verdwijnen. Zenuwachtig zien we hem zich verdedigen ‘Ik was Bijl niets verplicht’. Ook kleeft het ineens als nare bijsmaak aan het pas ontdekte portret. De onbekende Jongeman begint steeds meer op Six zelf te lijken.

De Oude Lezende Vrouw van de Schotse hertog, wordt juist steeds mooier, gedurende de documentaire. Voor haar geen veiling waarin belanghebbenden tegen elkaar op kunnen boksen – tot ongenoegen van Dibbits die haar graag aan de collectie zou willen toevoegen. Ze zit veilig opgeborgen in het stille Schotse platteland onder het bewonderende oog van de hertog – She is the most powerfull presence in this house. Prachtige landschapsscènes, rustige muziek, langzame close-ups en kalme natuurgeluiden dragen bij aan het respect voor haar.

Hoe anders is het bij de Vrouw met de witte kap. Openhartig onthult Kaplan, dat hij toen hij haar had aangekocht, op haar lippen een kus heeft gegeven. Nu ze in zijn bezit was kon hij immers met haar doen wat hij wilde.

Op deze wijzen vormen de Rembrandts in de film van Hoogendijk een decor voor het succes, de status en ego’s van heel verschillende mannen. Soms blijven hun geruzie en bewonder even kleven aan de werken – zoals bij het schandaal van Six, de verliefde woorden van de hertog of de kus van Kaplan.

Toch zullen al deze gebeurtenissen de werken niet blijvend veranderen. Sterker nog, de schilderijen zullen hoogstwaarschijnlijk nog steeds bestaan als iedereen alle ophef allang vergeten is. Iets daarvan zit ook al in Mijn Rembrandt: de genadeloze blik vanuit de kunstwerken zelf, die ons doet laten voelen hoe tijdelijk wij zelf zijn.

Kijk de documentaire via NPO Plus.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s